Inmiddels hebben we alweer even vakantie hier in Nagasaki. We zitten tussen onze twee semesters in, wat dus ook min of meer de helft van onze tijd hier betekend. Ik ben nog nooit zo lang weg geweest uit Nederland, maar ik denk dat niemand die deze blog leest verbaasd zal zijn als ik zeg dat ik me hier ongelofelijk thuis voel. Natuurlijk mis ik m'n vrienden en familie, maar dankzij Skype e.d. zijn dat soort problemen meteen ontzettend afgenomen. Ik kan me in ieder geval nog helemaal niet voorstellen om weer naar Nederland te vertrekken. Een heel raar idee...
Maar genoeg met de overpeinzingen, tijd voor wat geblog over de afgelopen tijd. Zoals dus al gezegd hebben we nu vakantie, wat inhoud dat ik heerlijk uitslaap en op m'n gemak de stad in ga. Ook heb ik veel tijd voor het lezen van m'n immer groeiende stapel(s) manga, wat ook steeds sneller gaat. Het is erg fijn om te merken dat ik steeds minder woorden op hoef te zoeken, en boekjes veel sneller uitgelezen worden. Geeft me zeker het gevoel dat ik inderdaad vooruit ben gegaan. Yuuki merkte laatst opvalend genoeg op dat hij bij onze ontmoeting dacht dat ik, in vergelijking met Eef, nog niet echt heel goed was, maar dat ik inmiddels écht "perapera" ben geworden; vloeiend voor buitenlanders. Hoewel ik zelf nog niet het gevoel heb dat ik heel vloeiend praat, is het in ieder geval een fijn idee dat er vooruitgang in zit.
Voor de vakantie begon, hadden we nog wat toetsen, waarvan bijvoorbeeld conversatie heel goed ging (de docent zei dat ik veel beter was dan ze eerst dacht. Hehe...), en schrijfvaardigheid een stuk minder ("Hé, ze zei niet dat we dit soort dingen moesten leren!"). Maar we hebben niets meer erover gehoord, en geen nieuws is goed nieuws zullen we maar zeggen.
Ondertussen is het weer in Nagasaki een beetje vreemd aan het doen, met een ritme. Wat de regel een beetje lijkt is een dag verschrikkelijke regen, en dan een dag prachtig weer, gevolgd door X aantal dagen matig. Dat gaat nu al de hele vakantie zo, begonnen met een regenbui zó heftig dat toen er letterlijk een soort rivier ontstond langs de heuvels die we beklommen om thuis te komen. Bovendien waren m´n schoenen dermate doorweekt, dat het letterlijk een week geduurd heeft voor ze weer droog waren. Om die avond de zaken nog erger te maken; we waren net binnen, een beetje onszelf aan het opdrogen en droge kleren aan het aantrekken (Rolf en ik waren buiten de deur wezen eten gezien we niets in huis hadden), toen plots, met bijzonder veel lawaai, het brandalarm af ging. Om het iets interessanter te maken; het brandalarm, een grote kast, gemaakt om lawaai te produceren, staat recht voor mijn raam. Dus wij vreesden het ergste; naar buiten in deze stortvloed. Inderdaad was het geen test; er hing rook in het trappenhuis. Maar wat bleek; iemand had iets op het vuur laten staan terwijl 'ie lekker iets voor zichzelf ging doen.
Halverwege Maart was het dan eindelijk tijd voor een bezoeker van een vergelegen plek, namelijk Beppu. Steven Scheerooren is zijn naam, en voor 6 dagen bivakkeerde hij gezellig hier in Nagasaki. Natuurlijk heeft hij er ook uitgebreid verslag over gedaan. Bivakkeren is natuurlijk vrij te vertalen naar heerlijk relaxen, wat, zoals Steven al schreef, ook een kunst op zich is. Ik had bovendien een tvtje gekregen van de vader van Arisa, die weer thuis kwam wonen (hij woonde voor z'n werk ergens anders), en dus z'n tv niet meer nodig had. Meteen de PS3 erop aangesloten en weer als vanouds lekker gegamed! Natuurlijk ook veel van de stad laten zien; tempels, schrijnen, winkelcentra en restaurants, het kan niet op!
Eef en ik hadden die zaterdag een date met Yuuki en Arisa om naar de onsen (hete bronnen) in de buurt te gaan (Steven ging op pad naar o.a. het Vredespark). Toen we aankwamen bij de afgesproken plek echter, bleek dat Arisa d'r auto zowaar gecrashed had! Terwijl ze met haar radio bezig was was ze namelijk tegen een muurtje gebotst. Gelukkig niets ernstigs (behalve dat het een gloednieuwe auto was); Arisa kwam er met de schrik vanaf. Maar dit betekende wel dat het uitje uiteindelijk gecanceled werd. In plaats daarvan gingen we met z'n allen (dus incl. Steven en later ook Sander en Rolf) naar de sushi tent in Hamanomachi, alwaar we genoten van o.a. heerlijke knakworst-sushi.
Natuurlijk was ook de verjaardag van ons-aller-geliefde krullenbol Martijn in deze week, wat gevierd werd in Nagasaki-stijl; bij de 'Keya. We hadden de zaak voor onszelf, dus er werd ook volop gesocialized met de aanwezige stafleden. Ook een first; het "Russian Roulette" spelletje; jagamochi (balletjes met, ehm, kaas? Je zou denken aardappel...), waarvan een gevuld is met hete saus. Rolf was de gelukkige, waarop veel water achterover geklokt werd. (NB: Ten tijde van het publiceren van deze blog is dit spelletje al vele malen gespeeld. Echter, het wordt steeds makkelijker om van buiten de "vuurbal" te herkennen, dus die wordt dan meer dan eens aan een unsuspecting Matthias doorgegeven.)
De rest van de week was dus, zoals al vermeld, gezellig rondtrekken met Steven. Dit betekende ook natuurlijk weer naar Deshima, waar ik inmiddels al een keer of 7 moet zijn geweest (het gemiddelde van de andere Nederlanders ligt rond de 1?). Maar wat gezegd moet worden; ik vind iedere keer weer een nieuwe kamer waar ik eerder nog niet was geweest. Deshima veranderd voor mij zowaar in een heuse speurtocht! Langs de tatami-kamers, langs miniatuur-Deshima, en natuurlijk het oerlelijke beeld van de jaloerse Portugezen die weer eens aandacht te kort kwamen. De volgende keer verwacht ik de ondergrondse martelkamer van de Hollanders te vinden. En hun DVD-collectie.
Naast Deshima ook naar de plek geweest waar vroeger het huis van Siebold heeft gestaan. Na een ellelang stuk lopen werden we dan ook beloond met een... plek waar vroeger een huis stond. En een gesloten museumpje. Maar ja, hebben we dat ook weer gehad. Een andere ontdekking is die van een mini-dierentuintje recht naast de Suwa-jinja. Ze hebben er apen, kippen, eenden en nog wat vreemde beesten. 'Tis in ieder geval gratis, en daar kan Artis niet tegenop lijkt mij zo!
Als je denkt dat Maart al vol was met bovenstaande, dan heb je het goed mis! Naast alle avonturen in (en rondom) de good-'ol 'Saki, zijn we zelfs naar het buitenland geweest! Namelijk met Yuuki en Arisa naar Pusan, de op-een-na grootste stad van Korea (Zuid....).
Voordat het zover was moesten we natuurlijk wel de Japanse bureaucratie nog even doorploegen. Gezien we een eenjarig visum hebben, moesten we eerst een formulier invullen voor het internationale studenten centrum. Hiermee moesten we dan naar een rokerig, grijs gebouw in een uithoek van de stad (waar we lang naar op zoek zijn geweest), alwaar we kopieen van onze paspoorten et al konden inleveren. Hierop werden we weer naar de andere kant van de verdieping gestuurd, om een stempel te kopen in het meest belachelijk verstopte "winkeltje" dat ik in tijden heb gezien. Met deze stempel konden we weer terug naar het oorspronkelijke kantoortje, waar we met nog wat krabbeltjes hier en daar eindelijk toegestaan werden drie nachtjes het land te verlaten.
De avond voor vertrek besloten we in onze wijs- en slapeloosheid de nacht door te trekken met Die Hard, gezien we toch erg vroeg op moesten voor de bus naar Fukuoka (vanuit waar we met de boot naar Korea zouden gaan). Het spreekt voor zich denk ik dat we min of meer knock-out waren in zowel de bus als de op de boot. Dus het duurde niet lang of ik had een mooie nieuwe stempel in m'n paspoort; ditmaal van Korea. Hoewel in Japan de yen dit jaar belachelijke hoogtes bereikte (NB: ten tijde van schrijven is het weer enigzins gedaald), zit de Koreaanse won duidelijk in een dip. Voor mijn 4 Japanse man (40.000 yen, zo rond de 320+ euro) kreeg ik een stapel wons in m'n handen waar Oom Dagobert U tegen zou zeggen.
Al gauw bleek dat ik wel erg enthousiast gepind had. Alles in Korea is strontgoedkoop. De taxi naar ons hotel was maar een paar euro (wel een erg onvriendelijke chauffeur, en het rechts rijden is weer enigzins onwennig na een half jaar links), en ook eten etc. kost maar een paar euro, hoe luxe het ook mag worden. We gingen voorzichtig op stap, met handen op de zakken en tassen, gezien ons werd verteld dat er nogal eens wat zakken gerold worden. Hoewel dit in vergelijking met Nederland misschien ongeveer op gelijk niveau staat, is het voor ons tere aan-Japan-gewend-geraakte zieltjes weer even schrikken bij zo'n waarschuwing. Verjapansing in process? In ieder geval, al snel zaten we op het pad richting het centrum. Dit pad, of eigenlijk brede steeg, was gevuld met goedkope kledingzaakjes aan de zijkanten en rijen stalletjes met nog goedkoper eten in het midden. We zochten snel een onderkomen in een intellectueel ogend cafeetje (iets met boeken, dan zit het wel snor) waar echter geen klant te bekennen was. Voor een paar euro maakte de vriendelijke mevrouw achter de toonbank heerlijke wafels en koffie voor ons op Koreaans verzoek van een lichtelijk zenuwachtige Eef. Zoals de meeste lezers wel zullen weten heeft Eef namelijk vorig jaar met groot succes Koreaans gestudeerd als bijvak in Leiden. Dus voor haar was de reis extra spannend.
Japanners zijn voor Korea wat Duitsers zijn voor Zandvoort; ze zijn er de laatste tijd in grote getalen, en spreken natuurlijk alleen hun eigen taal. En ze graven gaten? De reden voor de stortvloed Japanners is uiteraard de spotgoedkope won. Dus, na wat verfrissende wafels was het tijd voor winkels. En inderdaad; alles is duidelijk goedkoper dan Nederland en/of Japan; zelfs de (relatief dure) merkwinkels. Na dit een tijdje gedaan te hebben gingen we door om twee vriendinnen van Arisa te ontmoeten. Deze twee Koreaantjes, praktisch vloeiend in Japans, waren op uitwisseling bij de Komatsu's langsgekomen en gingen ons nu meenemen naar een goed, Koreaanig restaurant. Het resultaat was een restaurant in het centrum (wederom slechts een paar euro voor een goed vullende maaltijd). In grote wokpannen werd pittig eten voor ons neus op tafel gezet, gevuld met alles van inktvis tot koe, met een oneindige hoeveelheid kimchi "on the side." En nogmaals; alles is pittig. Heerlijk als je er aan gewend bent, wat minder als dit niet het geval is (zoals bij Eef). Maar zelfs ik had last van vurige toiletbezoekjes tijdens en na het Korea-avontuur, moet ik eerlijk bekennen.
Na het eten werden we meegenomen naar Pusan Tower, een toeristenplek en uitkijktoren over de stad. En het moet gezegd worden; "Maar het uitzicht is fantastisch."
De tweede dag begon met een lekker ontbijtje (pittig), en een lekkere wandeling langs wat warenhuizen etc. De lunch was, toeristisch genoeg, eentje van burgers. Maar dan dus wel de Bulgogi Burger, ofwel de McKroket van Korea. We waren zo goed in de smaak gevallen bij de Koreaantjes (vooral Eef), dat hoewel we ze eigenlijk maar 1 keer zouden ontmoeten, ze deze dag ook weer lekker met ons gingen optrekken. Gezien het verzoek van mij en Eef om naar een tempel te gaan (cultuur, zowaar!), hielpen ze ons met het vinden van de weg. Eerst ongeveer een half uur met de trein voor nog niet eens een euro, gevolgd door een stukje lopen en een busritje. Eef en ik hadden echter het idee dat, gezien onze ervaringen van afgelopen zomer, we het stukje ook best konden lopen bergopwaarts. Voor ons viel het gelukkig ook wel mee, en we hadden een prachtige wandeling door een mooi bebost gebied, maar of de rest van de groep er zo blij mee was is nog steeds een beetje onduidelijk. Nou ja, in ieder geval ga je er niet dood aan zullen we maar denken.
Eenmaal aangekomen bij de tempel werden we zeer prettig verrast. Eef en ik waren erg gewend geraakt aan de Japanse tempels die we van de zomer zoveel hebben gezien, en die we natuurlijk ook in ons jaar in Nagasaki meer dan eens zijn tegengekomen. Deze tempel echter, in tegenstelling tot de "normale" Japanse tempel, was rijkelijk versierd met allerhande beschilderingen, wat het geheel, op de berg vol kale bomen, een prachtig contrast gaf. We gingen het hele terrein rond, en kwamen inderdaad prachtig versierde muren en beelden tegen. Zoals gezegd hielp de natuur meer dan een handje mee, als geweldige achtergrond die bij iedere schilder of filmmaker gretig aftrek zou vinden. Zoals Harry en ik deden in Nara, inmiddels meer dan drie jaar geleden, besloten we een dakpan te doneren aan de tempel, waar we dan ook met z'n allen een wens op konden schrijven. Met Nederlands, Japans en Koreaans is het zonder twijfel de meest internationale tegel in het complex lijkt mij zo.
Na afloop daalden we de berg weer af en begaven we ons weer richting centrum voor wat (pittig) eten. Wederom was het zoveel dat we het bijna niet op kregen, voor luttele euro's per persoon. Vervolgens werd er nog even verder gewinkeld. Namelijk naar electronica-gerelateerde producten. Ik wilde graag kijken naar DVD's (in Japan zijn die krengen onbetaalbaar) en Eef wilde een Japans-Engels-Koreaans digitaal woordenboek kopen. Beide missies lukten, en in beide gevallen waren we slechts ongeveer een derde van het geld kwijt dat je er in Nederland en/of Japan voor zou betalen. Tijd voor avondeten (Aziaten eten nou eenmaal de hele dag door), wat weer in ware Korea-stijl ging gebeuren. De naam ben ik vergeten, maar het is voor zover ik weet de Koreaanse versie van een gezellig cafe of izakaya, waarbij je met z'n allen lekker eet. Je braad vlees, knipt (!) het in stukjes, doet het vlees met allerhande andere lekkernijen in een blad sla, en voila, je hebt een Koreaanse specialiteit.
De derde en laatste dag begon met een speurtocht door de steegjes achter het centrum. Yuuki's broertje was een tijdje eerder in Pusan geweest, en had een goedkope nep portefeuille aangeschaft. Echter, deze werd weer afgepakt toen hij weer terug ging naar Japan. Dus aan Yuuki (ons) de taak een nieuwe te kopen. Blijkbaar zat er ergens in een van deze steegjes een winkel gevuld met namaak spul, maar gezien we alleen een kleine foto hadden van een kaartje op een buisinesscard, schoot de speurtocht niet heel erg op. Uiteindelijk vonden we de winkel dan toch eindelijk; de ruiten waren geblindeerd, en er zaten mannen in laboratoriumjassen voor de deur. We werden naar binnen gelaten alwaar nog meer mannen en vrouwen in labjassen namaak-designer-spul verkochten. Niet lang na ons kwam ook een grote groep Japanners van middelbare leeftijd binnenpuffen, wat het visualiseren van de rol van Japanners in de huidige economie van Pusan en omstreken weer enigszins vergemakkelijkte.
Nadat de imitatie waar was aangeschaft, gingen we nog even de stad in voor de laatste inkopen; ik wilde graag een Koreaanse manga of twee voor bij mijn Japanse collectie. Ik kan er natuurlijk niet veel mee, maar ik heb nou eenmaal een gigantische verzameldrang. Bovendien tikte ik nog wat toffe kleren op de kop. Dit allemaal met de hulp van Eefje, die het nodige vertaalwerk verrichte.
Aan alle goede reisjes komt uiteindelijk een eind, en zo kwamen we weer uit bij de haven van Pusan. Na een lange reis terug en nog wat rond-gekijk in Fukuoka was het dan ook weer terug naar 'Saki. Maar dan wel een goede experience rijker!
(NB: Ten tijde van publicatie is een van de Koreaantjes weer in Japan aan het studeren, en wil graag met Eefje komen spelen. Eefje heeft een grote impact achtergelaten daar in Pusan, dat blijkt wel weer...)
Tot slot nog een paar foto's van Koreaans eten, in de winkel, op straat en in restaurants. Ik heb mij vele malen verbaasd, laat ik het zo zeggen... (Voor verdere verhaaltjes over ons Korea-avontuur kan je natuurlijk ook even bij Eefje kijken.)
Zo. Dat was weer even een kleine update, die hopelijk een beetje heeft geillustreerd wat ik nou toch al heb gedaan de laatste tijd. Maar er volgt natuurlijk ook meer. Ten eerste zal ik ter lering en (vooral) vermaak wat meer foto's van Korea online zetten (zie de link bovenaan, rechts). En ik zal, ditmaal dus wat sneller, een wat recentere update geven. Want wat is er verder allemaal gebeurd? Wat dacht je van Harry, AKA "Pap," die langskomt; een nieuwe tutor; lidmaatschap van een sportclub; het schrijven van m'n Japanse "onderzoekspaper", en nog veel, veel meer. Dus stay tuned, en tot blogs!
P















