Laat ik beginnen met een korte recap van de eerste maand hier.
Na een afscheid van een toch royaal groot afscheidscommitee (dank allen!), hadden Eefje en ik weer een bijzonder lange reis voor de boeg. Na nog even wat Hollandse souvenirs te hebben gekocht voor onze Japanse kennissen (en een pak hagelslag voor mijzelf!), was het tijd om weer zo'n twaalf uur in een kleine, krappe ruimte te verkeren. De piloot riep van te voren om dat 't een vrij rustige vlucht was, met veel open plekken, maar dat leek mij wel mee te vallen. Ik had in ieder geval geen stoel achter mij (we zaten bijna helemaal achteraan), wat resulteerde in een horizontale Pyke. D.w.z., zo horizontaal als mogelijk in een vliegtuig. D.w.z, een verticale Pyke met een kleine afwijking naar achteren. De vlucht ging goed, het eerste uur, tot de piloot plots vertelde dat ze vrij heftige turbulentie verwachten boven Rusland. En als ik tegen één ding niet kan in een vliegtuig, is het turbulentie. Ik weet dat het veilig is, maar jezus, waren mijn handen een potje klef en zweterig. Het was gelukkig minder dan verwacht, en tussen de turbulente stukken door (leek me toch ook niet heel verstandig, maar ja) kregen we gewoon eten, dat aanvankelijk uitgesteld was.
Na mijn inmiddels zevende vlucht over Rusland kwamen we dan echt aan op Kansai International Airport. De buitenlander-paspoort-visa-check ging vrij snel (en buitengewoon ongeïnteresseerd aan mijn kant, en buitengewoon overgeïnteresseerd aan Eefjes kant), en ook onze tassen waren snel weer in ons bezit. Na de douane waren we weer officieel op Japanse bodem. En ik moet zeggen dat 't vreemd genoeg heel gewoon voelde. Niet meer zozeer alles nieuw, maar meer 'daar zijn we weer!'. Ook niet gek misschien, 't is inmiddels m'n vierde keer hier. Na een stapel geld te hebben gewisseld (m'n Japanse vriend Yuuki was zo lief om voor mij en Martijn een gigantische schep geld voor te schieten voor onze woningen, dus ik had een stapel Nederlands geld klaar liggen dat na inwisselen meteen door naar hem kon), was het eerste punt van business natuurlijk: CURRY! Jemig, wat had ik daar trek in! Japanse curry blijft één van die gerechten waar je me midden in de nacht voor wakker mag maken (granted, je kan me voor veel gerechten midden in de nacht wakker maken, maar dat ter zijde). Na die smakelijke midnight snack/ontbijt ('t was zo'n 9 uur 's ochtends in Japan, maar voor onze interne klokken dus pas een uur of 1 's nachts), gingen we treinkaartjes kopen. We bleken nog wat tijd te hebben, en er bleek ook een Tsutaya (boek/game/muziek/dvd-winkel) te zijn, dus ja, wat doe je dan na anderhalf jaar niet in Japan te zijn geweest? Juist, eventjes manga browsen! Heerlijk!
Na een treinritje waren we dan eindelijk in Kyoto! We (lees: Evelien) werden opgepikt op het station door twee studentes van Doshisha (de universiteit waar we studeren). Officieel werd ik niet opgehaald, omdat ik niet in een dormitory van de universiteit zit, maar we moesten dezelfde kant op, dus whatever! Weer een (ondergronds) treinritje later, kwamen we aan op Imadegawa, het station wat min of meer uitgehouwd is in de aarde onder de uni. Eefje (en haar kornuiten) en ik splitsten op; ik moest eerst naar m'n makelaar alvorens ik mijn nieuwe stekkie zou kunnen betreden! De makelaar zit schuin tegenover het universiteitsgebouw, dus ik kon meteen de sfeer een beetje opsnuiven. Ik had de weken voor vertrek veel gemaild met de makelaar, best een aardige vent, die luistert naar de naam Katsuya. Nogal een mannelijke naam in Japan. Ik had op de website van de makelaar een foto gevonden van de mensen die in het kantoor werken waar ik moest zijn; drie gasten en één vrouw. Ik vroeg me af welke van die mannelijke mannen mijn makelaar zou zijn. Dus vol spanning om nou eindelijk eens die penvriend te ontmoeten, kwam ik (vermoeid en wel) het door tl-verlichte kantoorje ingerold. De vrouw, die ik herkende van de foto, kwam op me af. "Ik zoek Katsuya-san..." ('san' kan voor zowel mannen als vrouwen gebruikt worden) begon ik, waarop de jongedame met een lach op haar gezicht haar hand uitstak; "Dag meneer Van Zon." Een aangename verrassing.
Wat volgde was een bergje papierwerk waar handtekeningen onder gezet moesten worden. Ik was moe, stonk en wilde gewoon m'n zware bagage kwijt, maar ja, wat moet, dat moet. Uiteindelijk kreeg ik een lift van Katsuya naar m'n appartement; Sowarie Maeguchi, nummer 411. Dus de vierde verdieping. En er bleek geen lift te zijn. Op zich geen probleem, beweeg je nog een beetje, maar met zware bagage is het wat minder. Toch zwoegde ik door, met het eind eindelijk in zicht. Alles leek in orde, alleen had ik nog geen gas; dat zou een paar dagen later komen als ik naar een bepaald nummer zou bellen. Dit betekende echter dat ik geen warm water had, en dus niet kon douchen... (het koude water was echt héél erg koud!). Dan maar gewoon even opfrissen, en naar Eefje. Ik wist gelukkig waar ze woonde, dus vond het vrij snel. Eefje woont op een plek waar ik toevallig twee jaar eerder ook was toen ik met de familie De Groot/Van Zon/Metselaar/Van Riet-Paap door Kyoto trok, dus was leuk om dat weer terug te zien. Met Eefje ging ik vervolgens wat inkopen doen. Je moet namelijk weten dat, omdat ik niet in een huis zit dat door de uni geregeld is, het helemaal leeg was. En dan bedoel ik ook leeg! Een aanrecht, douche, toilet en een paar ingebouwde kasten. That's it. Geen bed, tafel, zitplekken, koelkast, potten, pannen enzovoorts. Needless to say, een bed stond hoog op mijn prioriteitenlijst. Gelukkig zitten er binnen een paar minuten loopafstand een Muji (hele luxe, mooie huishoudelijke spullen) en een Conan (huishoudelijk, en goedkoop). Een combinatie van die twee is wat mijn kamer inmiddels zo'n beetje beslaat. Om even een tijdssprongetje te maken naar het nu, zo'n maand later, heb ik nu eindelijk m'n kamer ongeveer af. Beetje onzin natuurlijk, want na een jaar moet ik alles weer verkopen/verschepen/weggooien, maar ik maak er dit jaar in ieder geval goed gebruik van. Ik heb nu een bed (een futon, ik slaap op de grond!), een luxe tweedehands koelkast, keuken gerei, kasten, een rijstkoker, een kleed, zitkussens, een stoel zonder poten (ik leef nogal op de grond hier), een kotatsu (een tafel met een verwarming eronder voor de koude winterdagen), een douchegordijn en m'n laatste grote aankoop was een magnetron. Om zo maar even wat te noemen natuurlijk. Het is in ieder geval echt een woonplek geworden, dus daar ben ik erg blij mee.
De eerste avond, met Eefje in m'n verse bedje (l) en m'n stoel zonder poten (r)!
Nog geen kleed en tafel zoals je ziet...
Nog geen kleed en tafel zoals je ziet...
Die zijn hier! De kotatsu van boven en van onder!
Later in de week kwam Martijn, met letterlijk meer bagage dan Eefje en ik bij elkaar. Ook daar was niemand anders dan Milan, die aan Kyoto University studeert de komende twee jaar. Al met al was het een gezellig weerzien, waarna Martijn aan hetzelfde proces van papierwerk begon wat ik een paar dagen eerder had doorlopen. 's Avonds gingen we eten bij en okonomiyaki tent aan de overkant van de straat, waar Martijn inmiddels soort van kind aan huis is.
De dag erop, maandag, begon het echte feest! Twee dagen achter elkaar plaatsingstoetsen! Welk niveau je zou halen bepaalt natuurlijk welk niveau klassen je mag volgen, en vanaf een bepaald niveau kan je ook klassen voor Japanners volgen. Niet geheel onbelangrijk dus. De eerste toets, de schriftelijke, was opgedeeld van makkelijk naar moeilijk. Alleen was makkelijk al vrij moeilijk, en moeilijk snapte ik gewoon geen reet van. Dus lichtelijk verontrust verlieten we het lokaal weer. Maar daar was niet al te lang tijd voor, het was immers niet zomaar een maandag, maar maandag 28 maart, beter bekend als mijn verjaardag! Mijn 25e levensjaar begon dus met een stomme toets, maar 's avonds gingen we gezellig eten bij een Indiaas restaurant in het centrum, gevolgd door een ijsje bij Baskin Robins. Aldaar wilde ik meer dan twee bolletjes, ik wil verdorie een smaakfestijn in mijn mond! Na mijn verzoek te hebben geplaatst werd ik aangekeken alsof ik had uitgeschreeuwd dat Japan eens op moet houden met de walvisjacht (gezien walvis toch ranzig is); in andere woorden, alsof ik een idioot was. Toen ik het ijs kreeg begreep ik ook waarom; het bleek een epische berg. Maar ja, je bent maar eens per jaar jarig, dus waarom niet! Later kochten we nog een taartje om met z'n drieën thuis op te eten, maar daar ging Martijn op zitten.
De dag daarna was het tijd voor de tweede toets, de mondelinge. Martijn en Eefje hadden tegelijk een interview in gebouw A, terwijl ik op een andere tijd in een compleet ander gebouw zat! De angst begon te groeien dat ik het zo erg had verprutst op de schriftelijke toets, dat ik op een ander niveau zou komen. Mijn toets bleek eigenlijk gewoon een gesprekje te zijn over wie ik was etcetera, waaruit bleek dat ik toch wel een beetje Japans kan. Een paar dagen later kreeg ik dan gelukkig ook het goede nieuws dat we alsnog alle drie op niveau zeven kwamen, zo'n twee niveau's hoger dan dat nodig is om Japanse colleges te mogen volgen, en maar twee niveaus onder het hoogste niveau, dus ontevreden was ik zeker niet! Zogezegd, zo gedaan, dus de introducties volgden, en vakken werden gekozen. Geloof het of niet, maar mijn status als self-proclaimed meest luie van ons drie, heb ik de meeste vakken. Dat komt voornamelijk doordat ik twee vakken heb kunnen nemen die gaan over manga, Japanse strips, waar mijn scriptie/onderzoek ook over gaat gaan. Eén daarvan is voor buitenlanders, en daarmee gaan we zo af en toe naar het Kyoto International Manga Museum, zo'n tien minuten fietsen van de uni. Kijk ik wel naar uit! Het andere vak is nog leuker. Eén van de redenen dat ik aan Doshisha wilde studeren dit jaar is vanwege een zekere docent hier, die expert is op het gebied van manga, voornamelijk betreffende de 'god van manga', Tezuka Osamu. Ik mag Japanse colleges volgen, en wilde dus graag zijn college volgen. De titel was iets over moderne cultuur, dus niet echt specifiek manga, maar ja, ik wilde vooral gewoon les van die gast!
De eerste les die ik had aan Doshisha, zodra het jaar begon, was meteen het Japanse college van die docent. Was best intimiderend, als enige buitenlander in een ruimte met een paar honderd Japanse studenten (die overigens niet stil kunnen blijven tijdens lessen. Dat, of ze vallen in slaap op hun tafel). Toen de les begon, was ik plezant verrast; de les is in feite Tezuka Osamu les! Dus heel veel info over manga, en voornamelijk de grondlegger van manga zoals we dat nu kennen. Ik dacht helemaal dat ik in de hemel was beland toen de docent zei dat er niet echt huiswerk was, maar dat het het beste was om de verhalen van Tezuka te lezen. Met andere woorden: manga als huiswerk!!! Deze vent is nu al mijn held. Na de les ging ik mezelf even voorstellen, waarop hij zeer enthousiast reageerde; ik moest zeker een keertje langskomen om te praten over m'n onderzoek. Kreeg meteen z'n contact gegevens. Niet slecht, voor zo'n eerste uurtje.
Voordat de lessen begonnen waren er overigens dus nog wat introducties en dergelijken. Dit was voornamelijk vervelend gepraat over dat je geen drugs moet doen e.d. Een hoogte- (diepte?)punt was de internationale exchange club die langskwam om stel-jezelf-voor-bingo te doen met een groep universiteitsstudenten. Wij hadden hier helemaal geen zin in, en bleven dus maar gewoon zitten, terwijl een aantal ijverige studenten om ons heen aan het rennen waren om namen te verzamelen in een bepaalde vorm zodat ze een mysterieuze prijs konden claimen aan het eind van de rit. Doordat we bleven zitten kwamen er toch nog best wat mensen op ons af, waaronder een paar Japanners van de club, wiens namen we dan alsnog op konden schrijven. Achteraf bleek dat maar een paar mensen het hadden weten klaar te spelen om de gewenste bingo-vormen te maken, dus dan mochten de andere prijzen naar mensen die namen van de Japanners hadden gekregen. Drie keer raden wie dat waren? Passiviteit FTW! Dus daar heb ik een mooie, paarse Doshisha boodschappentas aan overgehouden. Wat heeft twee duimen en trolt Japan?
Later die week was er ook nog een toelatingsceremonie voor de nieuwe uitwisselingsstudenten. Een mooie dienst, met een sterke christelijke smaak (Doshisha is een christelijke universiteit). Ook was er aandacht voor de ramp in het noorden van Japan, met een dankbetuiging dat we alsnog waren gekomen.
Ook kwam Ward aan in de tussentijd. Die studeert dit jaar aan Ritsumeikan, een stukje ten noorden van Eefje, en dus bij ons in de buurt! Dit resulteert in het kijken van films en het spelen van games. Lijkt mij niet slecht! En voor volgende week staat eindelijk de Book-Off (tweedehands boeken/manga/games/dvd-zaak) tocht op het programma! Meerder van die winkels in de stad bezoeken, en hopen op een goede buit! Ik heb er zin an!
Zo zijn we dus langzaamaan een beetje gesetteld, hoewel dit dus nog wel eens wat voeten in de aarde heeft. Ah, Japan. Ik zou toch bijna vergeten hoe bureaucratisch en inefficiënt je meer dan eens was. Voorbeeld:
Woensdag: Bankrekening openen (nodig voor telefoon en huur). Bankboekje kan niet meteen meegegeven worden, komt met de post zodat je identiteit bevestigd kan worden. Dit kan namelijk niet met bijvoorbeeld een paspoort, ter plekke. Vreemd, maar ja, het is en blijft Japan.
Donderdag: Thuis wachten op m'n bankboekje. Toch even naar de winkel, boekje zou gewoon in m'n brievenbus vallen, dus kan geen kwaad. Bij terugkomst een briefje dat ik afwezig was en of ik een brief naar hen wil sturen of zij mij nog een keer m'n bankboekje willen sturen... Naar het postkantoor gestormd, iets ingevuld. Uur later bankboekje alsnog in afgeleverd.
Een ander voorbeeld van bureaucratie, maar dan op de uni:
Bij de meeste colleges, zoals ook in Nederland, word de absentie bijgehouden. Waarschuwende vingertjes voor als we meer dan één of twee lessen zouden missen; met dit verplichte aanwezigheidpercentage zou je haast denken dat we in groepjes van twee hand in hand achter de juf aan naar de les moesten lopen, maar ach, in de praktijk valt het meestal wel mee. Echter, de uni vreest als niets anders voor buitenlandse studenten die er een keer niet zijn. Dus, wat is daar aan te doen? De studenten iedere dag naar het international office laten komen om daar een extra, algemene absentielijst af te tekenen! Wat een fantastisch idee! Het maakt niet uit of je maar één uur les hebt, of de hele dag op een compleet andere campus zit, je moet alsnog iedere dag langskomen om je krabbeltje te zetten. De lijsten liggen bovendien op de toonbank van het international office, in het enige hoekje waar studenten binnen kunnen komen. Op deze één of twee vierkante metertjes staat het iedere pauze dan ook propvol met studenten die op één van de lijsten hun naam zoeken en met een geïrriteerd gezicht zich tussen de mensenmassa door persen. Het nut van deze lijst is er simpelweg niet, behalve voor de studenten zelf; bij de één of twee lessen waar géén absentie afgenomen wordt, kan je dus alsnog gewoon aanwezig zijn! Thank you, loopholes!
Wat is Japan toch een avontuur...
Omdat we toch al zo'n twee weken les hadden en dus wel aan vakantie toe waren (en omdat ik Yuuki nog een pak geld schuldig was), zijn we vorig weekend richting Nagasaki getrokken. Voor mij en Eefje was het de eerste keer sinds ons vorige jaar weg dat we weer in Nagasaki waren, en dus ook dat we onze vrienden Yuuki en Arisa weer zagen. Vrijdagavond waren we met de shinkansen aangekomen in Fukuoka, de grote stad van het eiland Kyushu (waar Nagasaki ook op ligt), alwaar we herenigd werden met Yuuki. We konden bij hem slapen, maar voordat dat zover was hebben we eerst een hele tijd gezellig bijgepraat. De volgende dag gingen we vroeg met de bus naar Nagasaki. We hadden helaas wat vertraging, waardoor de spanning zich alleen maar opbouwde! Eenmaal aangekomen voelde het voornamelijk heel erg vertrouwd; alsof ik geen dag weggeweest was. Bijna alles leek gewoon nog zoals ik het anderhalf jaar eerder had achtergelaten. We gingen naar de Starbucks, waar ik voorheen elke week kwam, om daar met zowel Martijn als Arisa te meeten. De mensen in de 'Bucks keken hun ogen uit toen ze zagen wie daar weer binnen gewandeld kwamen; ze kenden ons gelukkig nog! Was erg gezellig, en als vanouds om ze weer even te zien. Even later kwam Arisa ook binnen, en was de reünie compleet. Met z'n vijfen zaten we nog lekker wat te drinken, en gingen we nog even naar de Stroopwafel winkel in de kelder (waar ze overigens geen stroopwafels hadden door de aardbeving). Daarna gingen Yuuki, Arisa, Eef en ik als vanouds met z'n vieren met de auto een tripje maken. Eerst werden we getrakteerd op lunch bij een prachtig restaurantje dat uitkeek over de zee, waarna we door gingen naar het plaatsje Obama (ja, je leest het goed), om daar in het langste voetenbad van Japan te relaxen. De bron aan de kust had ook nog andere uses; als je een ei een minuut in de bron zelf legde, was die lekker hard gekookt!
Obama...? Waar heb ik die naam eerder gehoord...?
's Avonds waren we uitgenodigd om te komen eten bij de ouders van Arisa. Dat lieten we ons natuurlijk geen twee keer zeggen! Arisa's moeder had zich uitgesloofd in de keuken en allerlei heerlijke Japanse gerechten voor ons bereid. Het was bovendien ook gewoon erg gezellig, met papa en mama Komatsu die geïnteresseerd veel aan ons vroegen en met ons bespraken. Ook onze souvenirs (zie helemaal bovenaan) vielen erg in smaak. Vooral het kleine wiel kaas was een grote hit, dus dat moeten we in de toekomst vaker doen! De avond bij huize Komatsu eindigde uiteindelijk in een potje armdrukken tussen mij en papa Komatsu, wat ik helaas verloor (wat wil je, die vent is een politieagent!). Daarover; ik ga dit jaar met Martijn en Milan wekelijks naar de gym. Lichaamsbeweging!
Na het eten gingen we met z'n vieren naar de enige plaats waar we per sé heen moesten; de Izakeya. Hoeveel avonden we daar door hebben doorgebracht in ons jaar in 'Saki, geen idee, maar het is een soort home-away-from-home, wat mij betreft. Helaas was Hide, onze grote vrind, er niet, maar Martijn wel. En, zo bleek, Matthias, die uit Tokyo naar Kyoto en Nagasaki was gekomen zonder dat aan mij en/of Eefje te vertellen (zie het filmpje op Martijn's youtube pagina om mijn reactie op Matt te zien). Matt en Martijn's band-/clubleden uit 'Saki waren er ook, dus dat werd een bijzonder gezellige avond voor hen. De details, zal ik besparen.
De dag erop gingen Eefje en ik 's ochtends op een tripje langs memory lane, langs winkels en plekjes waar we vaak kwamen in ons jaar in Nagasaki. Ook gingen we nog langs de clubkamer van de karate club, waar mijn teksten (die ik had opgeschreven met mijn afscheidsfeestje) gelukkig nog duidelijk op de muur gekalkt stonden. Er was alleen maar één persoon, die zich als een soort ninja onder een tafel vandaan wist te toveren toen we binnen kwamen. Volgende keer weer een feestje houden met de club. Later die middag hadden we afgesproken met Yuuri, sommigen misschien wel bekend (ze is ook naar Nederland gekomen). Ze is nu bezig met shushoku katsudo, een verschrikkelijk proces in het laatste jaar aan de universiteit, waarbij je talloze sollicitaties afgaat op zoek naar een baan. Ze kwam net van een interview, dus we waren blij dat we d'r nog even mee konden pikken. Het was in ieder geval als van ouds gezellig!
Later gingen gingen we weer naar Yuuki en Arisa, en gingen we met hen naar Suwa-jinja, de bekendste schrijn van Nagasaki. Dat was erg prettig, maar we waren ook vrij snel weer klaar. ik wilde per sé naar de Hustle Heart, een restaurantje waar ze fantastische torko rice (een Nagasaki-aans gerecht met rijst, pasta en vlees) hebben. De tijd voor het eten doken we een donut tentje in, alwaar we gezellig zaten te kletsen. Bij Hustle Heart, of Hussle-chan, herkende de bebaarde baas/kok ons ook nog, en maakte gezellig een praatje. Het eten was goed (hoewel ik per ongeluk een oester heb gegeten... dat was minder...), en we kregen gratis een toetje. Daarna was het weer door naar de bus, om samen met Yuuki terug te gaan naar Fukuoka. De dag erop (maandag), kwamen ook Martijn en Matt aan in Fukuoka, en namen we met z'n vieren de shinkansen terug naar Kyoto.
Teruggekeerd in Kyoto, moet ik overigens vermelden dat ik gisteren (zaterdag) definitief lid ben geworden van de film-maak-club! D'r was gisteren een screening van recent werk, waar wat behoorlijk indrukwekkende dingen tussen zaten. Heb meteen ook een rolletje weten te scoren in één van de komende films, dus heb er zin in! Nu zelf eindelijk ook maar eens een script uitpoepen! Volgende week is in ieder geval een groot welkomstfeest, dus ben benieuwd. Ken tot nu toe vooral hogerejaars (die overigens allemaal jonger zijn dan ik...), en daar is het erg gezellig mee! Ik zal foto's/films uploaden zodra ik die in handen krijg!
Nou, dat was weer een aardige update zou ik zo zeggen. Tot slot nog wat andere foto's!
Matt bleef nog een paar daagjes in Kyoto, waarop we dus naar een all-you-can-eat-pizza-restaurant besloten te gaan met de hele groep. Ook daarvan nog een foto of twee:
Om deze cultuurloosheid een beetje recht te trekken heb ik hier nog wat foto's van de Kiyomizu-dera, wanneer de sakura in bloei staat:
Links de maan boven de ingang, rechts de sakura
(beiden genomen met m'n telefoon, best aardige kwaliteit nog!).
En nog wat andere sakura:
En, omdat ik hem niet van jullie wil onthouden, de meest bad-ass slot-verpakking op de planeet:
Voor wie het niet kan lezen:
Links: "Stainless steel shackle for increased resistance against thieving bastards."
Rechts: "Undoubtedly the perfect way to end a romantic evening is a light mugging followed by a relaxing common assault. Better still, your bike 'll remain safe and you can rush home to blog about your refreshing urban experience."
Iemand, geef de maker van deze verpakking een nobel prijs!
Tot zover, en tot blogs!
Pyke
3 reacties:
Wacht eens even! Mijn visa-incheck moment was alles behalve oninteressant! Mijn mannetje vond het heel leuk dat ik in Nagasaki gewoond had, omdat hij zelf uit Sasebo kwam. En hij sprak me aan met "omae" wat een erg onbeleefde vorm van "jij" was. Vergeten?
Nou, ik heb er met tussenpozen een paar dagen over gedaan, maar ik heb het avontuur gelezen! Klinkt allemaal weer fantastisch. Zelf moest ik vooral hard lachen toen ik na het zinnetje "Wat heeft twee duimen en trolt Japan?" naar beneden scrolde en de foto zag. :D Passiviteit FTW! (maar blijf wel bloggen)
Hartstikke leuk om te lezen Pykie! Je moet er alleen wel even voor gaan zitten inderdaad! :P Misschien vaker updaten en dan iets minder lange verhalen? Het is wel super leuk hoor, lekker uitgebreid :)
Dikke zoen!
Een reactie plaatsen